Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20

Ficties en forfaits in het belastingrecht

Rapport van de commissie ficties en forfaits

Paperback Nederlands 2014 9789013126679
Niet leverbaar.

Samenvatting

In de fiscale wetgeving komen van oudsher veel ficties en forfaits voor. Ficties worden daarbij doorgaans gebruikt uit een oogpunt van wetgevingseconomie.

Forfaits gebruikt men om te komen tot een praktische benadering van de werkelijkheid welke grondslag is van een heffing. Maar is het gebruik van deze wetgevingstechnieken aanvaardbaar?

Specificaties

ISBN13:9789013126679
Trefwoorden:fiscaal recht, forfaits
Taal:Nederlands
Bindwijze:paperback
Aantal pagina's:235
Druk:1
Verschijningsdatum:30-9-2014
Hoofdrubriek:Juridisch
ISSN:

Lezersrecensies

Wees de eerste die een lezersrecensie schrijft!

Geef uw waardering

Zeer goed Goed Voldoende Matig Slecht

Inhoudsopgave

1. Inleiding
1.1 Algemeen
1.2 Over ficties
1.3 Over forfaits
1.3.1 Wat wordt onder een forfait verstaan?
1.3.2 Weerlegbare forfaits en forfaits naar keuze
1.3.3 Slotopmerkingen
1.4 Over wettelijke vermoedens
1.5 Eisen aan ficties en forfaits
1.5.1 Inleiding
1.5.2 Ficties
1.5.3 Forfaits

2. Ficties en forfaits in een aantal wetten
2.1 Inleiding
2.2 De Wet IB 2001 (exclusief winst uit onderneming)
2.2.1 Inleiding
2.2.2 Ontstaan en rechtskarakter van de inkomstenbelasting
2.2.3 Autokostenforfait
2.2.3.1 Inleiding
2.2.3.2 Autokostenforfait tot 2001
2.2.3.3 Beoordeling autokostenforfait tot 2001
2.2.3.4 Geschiedenis autokostenforfait van 2001 tot heden
2.2.3.5 Beoordeling autokostenforfait
2.2.4 Het eigenwoningforfait
2.2.4.1 Inleiding
2.2.4.2 Laatste jaren onder Besluit IB 1941 en eerste jaren Wet IB 1964
2.2.4.3 Invoering art. 42a Wet IB 1964 met ingang van 1971 (periode 1971 en 1972)
2.2.4.4 Wijziging met ingang van 1973 voor ondernemingswoning
2.2.4.5 Structurele wijzigingen in de periode 1974-2000
2.2.4.6 Het eigenwoningforfait in de Wet IB 2001
2.2.4.7 Beoordeling eigenwoningforfait
2.2.5 Het voordeel uit sparen en beleggen (het forfaitaire rendement van box III)
2.2.5.1 Inleiding
2.2.5.2 Waarom is de regeling van box III ingevoerd?
2.2.5.3 Wijziging van de peildatum
2.2.5.4 Het percentage van 4
2.2.5.5 Beoordeling regeling van het forfaitaire rendement
2.3 Winst uit onderneming en de Wet op de vennootschapsbelasting 1969
2.3.1 Inleiding
2.3.2 Historie en rechtskarakter van de vennootschapsbelasting
2.3.3 Ficties en forfaits
2.3.4 Fictieve overdracht bij overgang onder algemene titel
2.3.5 Omzetting van rechtspersonen
2.3.6 Geruisloze overdracht en de fictie van indeplaatsstelling
2.3.7 De vestigingsplaatsfictie
2.3.8 De vermogensetiketteringsfictie
2.3.9 Fiscale eenheid
2.3.10 Forfaitaire vaststelling van de winst uit zeescheepvaart
2.3.11 De minimale rekenrente bij de waardering van pensioenverplichtingen
2.4 De Wet op de loonbelasting 1964
2.4.1 Historie en rechtskarakter van de loonbelasting
2.4.2 Ficties en forfaits
2.4.3 De fictieve dienstbetrekkingen
2.4.4 Fictief loon
2.4.5 Forfaitaire vaststelling van de kosten van verwerving en de werkkostenregeling
2.4.6 Het forfait voor de kosten van het regelmatig reizen tussen woning en plaats van werkzaamheden
2.4.7 Forfaitaire kosten van het gebruik van de eigen auto
2.4.8 Het forfait voor extraterritoriale kosten
2.5 De Wet op de omzetbelasting 1968
2.5.1 Inleiding
2.5.2 Ontstaan en rechtskarakter
2.5.2.1 Ontstaan
2.5.2.2 Rechtskarakter, rechtsgrond(slag) en heffingssystematiek
2.5.3 Ficties en forfaits
2.5.3.1 Ficties
2.5.3.1.1 Heffing ter zake van privégebruik
2.5.3.1.2 Fiscale eenheid
2.5.3.1.3 Normale waarde
2.5.3.2 Forfaits
2.5.3.2.1 Forfaitaire vermindering kleine ondernemers
2.5.3.2.2 Landbouwforfait
2.5.3.2.3 Forfait privégebruik auto
2.6 Successiewet 1956
2.6.1 Inleiding
2.6.2 Ontstaan, rechtsgrond en uitgangspunten
2.6.2.1 Ontstaan
2.6.2.2 Rechtsgrond
2.6.2.3 Uitgangspunten
2.6.2.3.1 Algemeen
2.6.2.3.2 Uitgangspunten
2.6.3 Ficties en forfaits
2.6.3.1 Ficties
2.6.3.1.1 Woonplaatsfictie
2.6.3.1.2 Genotsrecht tot overlijden
2.6.3.1.3 Levensverzekering/derdenbeding
2.6.3.1.4 Verkrijging goederen uit een afgezonderd particulier vermogen
2.6.3.2 Forfaits
2.6.3.2.1 Waardering vruchtgebruik
2.7 De overdrachtsbelasting
2.7.1 Historie en karakter
2.7.2 Ficties en forfaits in de overdrachtsbelasting
2.7.3 Van Registratiewet 1917 naar Wet op belastingen van rechtsverkeer
2.7.4 Uitbedongen zaken
2.7.5 Verkrijging van aandelen in onroerendezaaklichamen
2.7.6 Civielrechtelijke en economische eigendom
2.7.7 Forfaitaire waardering van periodieke betalingen
2.8 Rechterlijke toetsing van gedelegeerde wetgeving en wetgeving van lagere overheden

3. Internationale aspecten
3.1 Inleiding
3.2 Ficties in het internationaal belastingrecht
3.2.1 OESO-modelverdrag
3.2.2 Ficties in het BvdB 2001
3.2.3 Concrete verdragen
3.2.4 Ficties in het EU-recht
3.3 Verdragsinterpretatie
3.3.1 Inleiding
3.3.2 Verdrag van Wenen
3.3.3 De OESO-benadering
3.3.4 De doorwerking van ficties e.d. naar verdragstoepassing
3.3.4.1 Inleiding
3.3.4.2 Fictief loon en pensioenen
3.3.4.3 Emigratieficties en conserverende aanslagen
3.3.4.3.1 Inleiding
3.3.4.3.2 Het aanmerkelijk belang
3.3.4.3.3 Pensioenen en lijfrenten
3.3.4.3.4 De winstsfeer
3.3.5 EU-recht
3.4 EVRM

4. Algemene constateringen van de commissie
4.1 Toetsing aan de eisen
4.2 Algemene constateringen met betrekking tot ficties
4.3 Algemene constateringen met betrekking tot forfaits
4.4 Ficties in het internationale belastingrecht
4.5 Afrondende aanbevelingen

Managementboek Top 100

Rubrieken

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden

        Ficties en forfaits in het belastingrecht