Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
, , , , e.a.

WWZ in praktijk

Een open debat tussen advocatuur en rechterlijke macht

Paperback Nederlands 2015 9789462901674
Niet leverbaar.

Samenvatting

In twee etappes ging de Wet werk en zekerheid (WWZ) in 2015 van ‘politiek’ naar ‘praktijk’. De tijd van kritiek leveren op de WWZ maakt door de inwerkingtreding ervan plaats voor discussie over de vraag hoe deze nieuwe wet moet worden toegepast.

Deze uitgave bevat verslagen van in Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Roermond en Assen gehouden bijeenkomsten, waarin onder andere advocaten en rechters vrijelijk met elkaar debatteerden over de WWZ in praktijk.

De eerste druk van dit boek bevatte alleen het ook in deze uitgave opgenomen verslag van een tweetal, eind 2014 en begin 2015, in Rotterdam gehouden bijeenkomsten over de WWZ en werd een bestseller. Deze uitgave bevat door de nieuwe opzet een nóg breder palet van wezenlijke visies op de WWZ en is daarmee een nuttig hulpmiddel bij het werken met de WWZ in de praktijk.

Specificaties

ISBN13:9789462901674
Taal:Nederlands
Bindwijze:paperback
Aantal pagina's:192
Druk:2
Verschijningsdatum:22-12-2015
Hoofdrubriek:Juridisch
ISSN:

Lezersrecensies

Wees de eerste die een lezersrecensie schrijft!

Geef uw waardering

Zeer goed Goed Voldoende Matig Slecht

Inhoudsopgave

Woord vooraf 11
Vereniging van Rotterdamse Arbeidsrecht Advocaten (VRAA)

Inleiding 15
Voorwoorden 17

Verslag bijeenkomsten VRAA 9 december 2014 en 15 januari 2015 21

Eerste thema: Procesrecht 23
Christine Kehrer-Bot
Te behandelen stellingen:
1. De in lid 4 en 5 van artikel 7:686a BW opgenomen vervaltermijn en termijn voor behandeling van een verzoekschrift door de kantonrechter leiden ertoe dat geen verzoekschrift ‘op nader aan te voeren gronden’ kan worden ingediend en dat geen uitstel kan worden verleend voor het voeren van verweer.
2. Door de mogelijkheid van hoger beroep biedt het voeren van een pro forma procedure teneinde de bedenktermijn buiten werking te stellen slechts schijnzekerheid.
3. Door het ontbreken van de buitengerechtelijke vernietiging van de opzegging kan de werknemer niet meer in een zelfstandig kort geding wedertewerkstelling vorderen. Deze vordering kan uitsluitend als voorlopige voorziening worden gevraagd in een door de werknemer aanhangig te maken ‘bodemprocedure’.

Tweede thema: Ontslaggronden 39
Pieter van den Brink
Te behandelen stellingen:
1. De Asscher-escape is nodig om te voorkomen dat het ontslagstelsel vastloopt.
2. Oprekking van de h-grond is nodig om te voorkomen dat het ontslagstelsel vastloopt.
3. Bij ontbinding op grond van c t/m h tijdens arbeidsongeschiktheid moet de wegens-leer worden toegepast om te voorkomen dat het ontslagstelsel vastloopt.

Derde thema: Cao-recht 51
Zef Even
Te behandelen stellingen:
1. De binding van de werkgever aan een ontslag-cao bindt automatisch ook de werknemer.
2. De eisen die aan vakbonden worden gesteld voor het afsluiten van een ontslag-cao, zetten yellow unions buiten spel.
3. De rechter dient zich terughoudend op te stellen bij het toetsen van een ontslag-cao.

Vierde thema: Vergoedingen 66
Pascal Kruit
Te behandelen stellingen:
1. Het ontslagrecht kan enkel praktisch werkbaar worden gehouden indien het criterium ‘ernstige verwijtbaarheid’ door de kantonrechters wordt uitgelegd als ‘verwijtbaarheid’, vergelijkbaar met hoe ‘kennelijk onredelijk ontslag’ in de rechtspraak is verworden tot ‘onredelijk ontslag’.
2. Ter voorkoming van rechtsongelijkheid en rechtsonzekerheid dienen aanbevelingen voor de berekeningswijze van de billijke vergoeding te worden opgesteld.
3. De Baijingsleer biedt na 1 juli 2015 de mogelijkheid tot het verkrijgen van een aanvullende vergoeding naast de transitievergoeding.

Vereniging Arbeidsrecht Advocaten Arrondissement Limburg (VAAAL)

Verslag bijeenkomst VAAAL 22 mei 2015 79

Stellingen blok 1 80
Emile Savelkoul
Te behandelen stellingen:
1. Artikel 96 Rv biedt definitieve zekerheid bij geregelde ontbindingen.
2. Werkgevers kunnen voortaan maar beter voor ontbinding in plaats van ontslag op staande voet opteren.
3. De in lid 4 en 5 van artikel 7:686a BW opgenomen vervaltermijn en termijn voor behandeling van een verzoekschrift door de kantonrechter leiden ertoe dat geen verzoekschrift ‘op nader aan te
voeren gronden’ kan worden ingediend en dat geen uitstel kan worden verleend voor het voeren van verweer.

Stellingen blok 2 86
Maruca Overdijk
Te behandelen stellingen:
1. De regel dat pas tot ontbinding mag worden overgegaan als zich daadwekelijk één van de wettelijke ontslaggronden geheel voordoet heeft als consequentie dat het ontslagstelsel vastloopt, omdat de mogelijkheden tot maatwerk daarmee ingrijpend zijn beperkt.
2. Onder de h-grond van artikel 7:669 lid 3 BW valt ook het huidige verschil van inzicht.
3. De consequentie van het tijdens-verbod in artikel 7:671b lid 6 BW is dat kleine werkgevers onevenredig worden geraakt, indien zij geen ontbinding wegens bedrijfseconomische redenen kunnen vragen van een arbeidsovereenkomst met een zieke werknemer.

Stellingen blok 3 92
Frans Bronneberg
Te behandelen stellingen:
1. Het ontslagrecht kan enkel praktisch werkbaar worden gehouden indien het criterium “ernstige verwijtbaarheid” door de kantonrechters wordt uitgelegd als “verwijtbaarheid”, vergelijkbaar met hoe “kennelijk onredelijk ontslag” in de rechtspraak is verworden tot “onredelijk ontslag”.
2. Ter voorkoming van rechtsongelijkheid en rechtsonzekerheid dienen aanbevelingen voor de berekeningswijze van de billijke vergoeding te worden opgesteld (is het in het kader van de rechtszekerheid wenselijk een systematiek van een kantonrechtersformule voor verwijtbare gevallen te hanteren of niet?).
3. De Baijingsleer biedt na 1 juli 2015 de mogelijkheid tot het verkrijgen van een aanvullende vergoeding naast de transitievergoeding.

Vereniging Arbeidsrecht Advocaten Amsterdam (VAAA)

Voorwoord 99

Verslag bijeenkomst VAAA 27 mei 2015 101

Eerste thema: Procesreglement WWZ 102
Inge de Laat
Te behandelen stellingen:
1. Het reguliere bewijsrecht moet ook in ontbindingszaken worden toegepast nu de ontbindingsprocedure niet meer gericht is op snelheid door de mogelijkheid van hoger beroep en cassatie.
2. Na ontslag op staande voet kunnen alleen nog maar bij verzoekschrift voorlopige voorzieningen worden gevraagd en heeft een zelfstandig kort geding geen zin.
3. Splitsen ex art. 7:686a lid 10 BW is noodzakelijk om onevenredige vertraging te voorkomen.

Tweede thema: Toetsing van de opzeggingsgronden 112
Dirk van Genderen
Te behandelen stellingen:
1. De rechter mag niet afwijken van hetgeen is bepaald in de Ontslagregeling en andere ministeriële regelingen.
2. De ruimte om ingeval van een incomplete opzeggingsgrond te ontbinden is niet groter dan een muizengat.
3. Een weigering van de werkgever om de arbeidsovereenkomst na twee jaar arbeidsongeschiktheid op te zeggen met het uitsluitende doel de werknemer zo de transitievergoeding te onthouden, moet worden aangemerkt als ernstig verwijtbaar handelen en nalaten.

Derde thema: Beroep en cassatie, vernietiging, herstel of billijke vergoeding? 122
Stefan Sagel
Te behandelen stellingen:
1. De billijke vergoeding van art. 681 die als alternatief voor vernietiging kan worden verzocht, noopt tot spiegelen aan de waarde van de vernietiging, net als de billijke vergoeding die de appelrechter op grond van art. 683 lid 3 kan toekennen noopt tot spiegelen aan de waarde van herstel.
2. Een goed werkgeefster kan gehouden zijn een ontslagen werknemer te wijzen op de korte vervaltermijn van art 686a lid 4 waarbinnen hij onder de WWZ moet ageren.

Vierde thema: Ontslagvergoedingen WWZ 130
Ferdinand Grapperhaus
Te behandelen stellingen:
1. Door het uiterst gedetailleerde netwerk van voorschriften wordt de rechterlijke speelruimte voor maatwerk ten aanzien van vergoedingen aanzienlijk versmald.
2. Wanneer de beëindiging van het dienstverband te wijten is aan een werkgever die "enkelvoudig" verwijtbaar handelt bestaat er geen ruimte voor enigerlei vergoeding naast de transitievergoeding.
3. Het zonder enig onderscheid niet verschuldigd laten zijn van de transitievergoeding in geval van surséance van betaling, ondermijnt:
a. de doelstelling van de ook in surséance geldende Richtlijn 98/59, en
b. het materiële uitgangspunt dat de transitievergoeding het karakter van een opgebouwd (spaar)tegoed ten behoeve van transitie op de arbeidsmarkt betreft.
BarentsKrans

Voorwoord 141

Verslag bijeenkomst BarentsKrans 28 september 2015 143
1. Inleiding 144
Max Keulaerds
2. Het belang van de parlementaire geschiedenis 147
Frank Dekker
3. De politiek achter de WWZ 150
Fatma Koşer Kaya
4. De WWZ: een eerste postscriptum 152
Leonard Verburg
5. WWZ: welke rechter is aan zet? 155
Gerrard Boot
6. De oogst van enkele maanden WWZ 159
Ruben Houweling
7. Debat 162

Vereniging Noordelijke Arbeidsrecht Advocaten (VNAA)

Voorwoord 169

Verslag bijeenkomst VNAA 3 november 2015 171

1. Algemene inleiding 172
Max Keulaerds
2. Korte blik op de WWZ 175
Reijer Kooij
3. Vragen naar aanleiding van het plenaire deel 177
4. Stelling 1 180
Bert Kingma
Te behandelen stelling:
Door de beperkte ontslaggronden en de onmogelijkheid om door middel van de vergoeding maatwerk te leveren is het ontslagrecht in de WWZ onnodig harder geworden.
5. Stelling 2 186
Saskia van Gessel
Te behandelen stelling:
Bij het bepalen van de billijke vergoeding dienen álle omstandigheden, óók de gevolgen van het ontslag, te worden meegewogen. Als de ontbinding van de arbeidsovereenkomst het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever, dan mag de werknemer ten aanzien van het “gevolgencriterium” niet worden afgescheept met de transitievergoeding.
6. Stelling 3 191
Govert Brouwer
Te behandelen stelling:
De opvatting dat de WWZ de rechter de mogelijkheid biedt om in ontbindingsprocedures het bewijsrecht buiten toepassing te laten is onjuist en schaadt de waarheidsvinding.

Managementboek Top 100

Rubrieken

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden

        WWZ in praktijk